Home

Voor wie

Wie zijn wij

Werkwijze

Kids

Contact

Verklarende woordenlijst

Hieronder staan een aantal veel voorkomende Fysiotherapeutische aandoeningen uitgelegd. Uiteraard is er nog veel meer informatie te vertellen én te vragen. Aarzel daarom ook niet om contact met ons op te nemen als u meer informatie wenst.
Heupdysplasie
De term heupdysplasie wordt gebruikt voor een stoornis in de ontwikkeling van het heupgewricht. Het gaat hier om een aangeboren afwijking. Het komt bij ongeveer twee procent van alle baby's voor en vier maal zo vaak bij meisjes dan bij jongens.

Bij een goed ontwikkelde heup past de heupkop precies in de heupkom waardoor het been soepel bewogen kan worden.
Bij deze aandoening is de heupkom onvoldoende ontwikkeld en daardoor (nog) te plat. De kop zit wel op de juiste plaats maar past niet perfect in de kom, waardoor het gewricht niet goed werkt.

Heupdysplasie kan worden opgemerkt doordat je bij het wisselen van de luier een ongelijke beenspreiding ziet, ook kan het worden opgemerkt door ongelijke huidplooien.

Een kinderarts kan heupdysplasie vaststellen door middel van een stabiliteitsonderzoek. Door de beentjes te bewegen voelt de arts bij een instabiele heup de heupkop uit de heupkom schuiven. Door de beentjes weer te spreiden zal de heupkop weer in de kom terugkeren.
Heypdysplasie
De behandeling

Als uit onderzoek is komen vast te staan dat er sprake is van een heupdysplasie, dan zal snel tot behandeling worden overgegaan. Deze bestaat uit het spreiden van de beentjes door middel van een spreider. Dat kan een beugel zijn of schuimrubber banden. De behandeling heeft tot doel de heupkop optimaal in de heupkom te houden. De heupkom groeit na de geboorte nog een aantal maanden door en de kans op herstel is 80 tot 90%.
Het middel moet dag en nacht, dat wil zeggen 23 uur per dag gedragen worden. Dit betekent dat het alleen af mag bij het in bad doen en tijdens het verschonen.

Meestal duurt een spreidbehandeling vier tot zes maanden.
Bij verschillende lichtere methoden kan fysiotherapie worden ingezet ter ondersteuning tijdens de behandeling.
De behandeling van de fysiotherapeut

Na de behandeling van een heupdysplasie wordt door kinderartsen in de regel fysiotherapie geadviseerd. Fysiotherapie wordt toegepast om de spieren rond het heupgewricht te versterken zodat het gewricht kan worden gestabiliseerd.

Bij baby’s die een periode in een beugel hebben gezeten wordt fysiotherapie toegepast om het verlies aan lengte van spieren en banden en de verminderde beweeglijkheid van het gewicht weer te corrigeren. Ook kan uw kind na deze periode passief blijven in het bewegen, angstig zijn om te bewegen of evenwichtsproblemen hebben.

De gespecialiseerde therapeuten bij Kinderfysio-Luxor kunnen u adviseren en helpen uw kind bij een goede start van het jonge leven.
Hypermobiliteit
Hypermobiliteit is een erfelijke afwijking van het bindweefsel van de gewrichtsbanden en de pezen. Door deze afwijking geven deze banden en pezen onvoldoende steun en dat maakt gewrichten overbeweeglijk en soms ook instabiel. Om het gebrek aan stabiliteit te compenseren nemen de spieren een deel van de functie van de banden en pezen over. Deze moeten daardoor harder werken, wat overbelasting en vermoeidheid tot gevolg kan hebben.
Bij jonge kinderen kan hypermobiliteit er voor zorgen dat gewrichten zoals de heup en schouders makkelijk uit de kom kunnen gaan. Hypermobiele kinderen ontwikkelen zich vaak wat langzamer dan hun leeftijdsgenootjes.

Hypermobiliteit kan op de volgende manieren worden vastgesteld:
  • de pinken kunnen 90 graden of verder overstrekt worden
  • de duimen kunnen tegen de voorarm worden gelegd
  • de ellebogen of knieën kunnen 10 graden of meer overstrekken
  • voorover buigen met de handen plat op de vloer zonder de knieën te buigen
Als vijf of meer gewrichten op deze manier overstrekt kunnen worden is er sprake van hypermobiliteit.

Behandeling

Wat de beste behandeling is bij hypermobiliteit hangt sterk van het kind af. Soms kunnen spieren een deel van het werk van de gewrichtsbanden opvangen of ondersteunen, een andere keer leert het kind zichzelf een andere houding aan waardoor de ongemakken gecompenseerd worden. Bij Kinderfysio-Luxor kunnen we met een aantal eenvoudige oefeningen vaststellen of uw kind hypermobiliteit heeft en wat de beste methode is om met deze eigenschap om te gaan. Ook kunnen we uw kind oefeningen leren waardoor uw kind zo min mogelijk last of pijn heeft als gevolg van deze bijzondere eigenschap.
Morbus Scheuermann
De ziekte van Scheuermann is een groeistoornis in het borstgedeelte van de wervelkolom die ontstaat tijdens de pubertijd, vooral bij jongens. Hierdoor ontstaat een kromme rug. De ziekte wordt ook wel ‘juveniele kyfose’ genoemd.

Deze aandoening wordt vastgesteld bij 5 tot 40 % van de bevolking.
Scheuermann
Het skelet van een baby bestaat voornamelijk uit kraakbeen. In de loop van de jeugd wordt dat kraakbeen vrijwel volledig omgezet in bot. Dat proces kan op allerlei plaatsen in het skelet verstoord worden.

Bij de ziekte van Scheuermann bevindt de verbeningsstoornis zich aan de voorkant van de borstwervels (meestal de 6e t/m de 12e borstwervel). Daardoor zakken deze wervels aan de voorkant een beetje in. Ze krijgen min of meer een wigvorm. Het resultaat is een ‘bolle’ kromming van het borstgedeelte van de wervelkolom. Het hals- en lendegedeelte van de wervelkolom wordt dan ‘holler’. Dit kan zorgen voor een verminderde lenigheid van de romp.

De ziekte kan een aantal jaren duren, maar is meestal niet ernstig. De vervorming van de wervels is over het algemeen ook niet ernstig.
Behandeling

In de acute periode van deze ziekte is het van belang om te staken met activiteiten waarbij u frequent een kromming in de rug moet maken, zoals hockey en roeien. Evenals gevechtsporten, zoals judo en worstelen, dienen vermeden te worden. Daarentegen is zwemmen (borstzwemmen/schoolslag aan te bevelen, dit werkt immers de kromming in de rug tegen. Mits het op de juiste wijze uitgevoerd wordt.

De behandeling voor tieners met een kyfose bestaat in de eerste instantie uit het dragen van een korset. Een enkele keer is chirurgisch ingrijpen nodig om ernstige misvormingen te verhelpen. Bij sommige typen kyfose wordt een operatie gecombineerd met medicijnen

De behandeling van de fysiotherapeut

Bij Kinderfysio-Luxor behandelen wij de ziekte van Scheurmann en corrigeren wij de houding door het versterken van de rompspieren. Oefeningen bestaan onder andere uit het strekken van de schouders naar achteren, het rekken van de borstspieren en het voorzichtig doorbewegen van de borstwervels.
Fysiotherapie zorgt er ook voor dat men zich bewuster wordt van het lichaam en dat de pijn in de onderrug afneemt.
Schrijfproblematiek
Schrijven kan gezien worden als een motorische vaardigheid, een communicatie middel en een expressiemiddel. Schrijven is het op papier zetten en van een boodschap.
30% van de kinderen in Nederland ondervindt in meer of mindere mate problemen met het (leren) schrijven. Deze problemen betreft en onleesbaar schrijven, tempo problemen en/of pijn en vermoeidheid bij schrijven.
Het schrijven op zichzelf is een motorische vaardigheid waar basisvoorwaarden voor aanwezig moeten zijn. Dit heeft alles te maken met rijping en motorisch leren.

Schrijfproblemen kunnen op zichzelf staan, maar ook een uitingsvorm zijn van complexe motorische problematiek (DCD = Developmental Coördination Disorder , neuromusculaire aandoeningen etc.) en bijv. gedragsstoornissen (autisme etc.) of leerproblemen op basis van cognitieve deficiënties zoals bijv. mentale retardatie, dyslexie.


De kwaliteit van het schrijven wordt dan ook bepaald aan de hand van:
  • de leesbaarheid van de letters, woorden en zinnen;
  • de schrijfbeweging; verloop en nauwkeurigheid;
  • de snelheid van bewegen;
  • het wel/niet optreden van vermoeidheid en of pijn;
  • pengreep, drukopbouw en opgebouwde spanning;
  • de schrijfhouding
  • de mogelijkheid om te dissociëren tussen schouder, elleboog en pols -/vinger bewegingen;

De behandeling bij KinderFysio Luxor bestaat uit de volgende stappen:
  • onderzoeken of er een motorisch probleem aan het schrijven ten grondslag ligt;
  • een individueel behandelplan voor uw kind maken om het schrijven te optimaliseren;
  • overleg met leerkracht om de behandeling op de schoolse vaardigheden af te stemmen;
  • advies over schrijfmateriaal wat het best bij het probleem past.
Sensorische integratie
De term S.I. is de afkorting die staat voor Sensorische Integratie. Sensorische integratie is het vermogen om informatie uit ons lichaam en de omgeving op te nemen, te verwerken en daarop te reageren met een gepaste reactie. Dit wordt ook wel zintuiglijke prikkelverwerking genoemd. Ofwel het verwerken van de informatie (prikkels) die vanuit onze ogen, oren, huid, spieren/gewrichten, mond, neus en evenwichtsorgaan naar de hersenen gaat.
Kinderen, zelfs zeer jonge kinderen, moeten in staat zijn om de informatie vanuit de verschillende zintuigen op te nemen en moeten veel vaardigheden uit kunnen voeren zonder erbij na te hoeven denken. Ze moeten weten waar hun lichaam is in relatie tot hun omgeving; ze moeten zich vrij durven bewegen in die omgeving; ze moeten zich veilig voelen en weten waar en hoe ze aangeraakt worden. Ook moeten ze weten, zonder dat ze erop gewezen worden, aan welke informatie ze aandacht moeten besteden en welke informatie ze moeten negeren. Hiervoor is het belangrijk dat deze informatie op een juiste wijze door de hersenen verwerkt wordt.
Problemen in de Sensorische Integratie kunnen gevolgen hebben voor de uitvoering van verschillende activiteiten. Het kan zijn dat het kind het vervelend vindt om aangeraakt of gewassen te worden. Het neemt de informatie dan niet goed waar en is niet in staat de informatie (van de huid) goed toe te passen in activiteiten passend bij die situatie. Zo kan een kind met Sensorische Integratieproblemen op verschillende gebieden problemen ervaren. Het kan zijn dat het geluiden te sterk of te zwak waarneemt, bepaalde smaken of geuren te sterk of te zwak waarneemt of dat het een verminderd houdings-, bewegingsgevoel heeft. Dit kan tot gevolg hebben dat het kind problemen met het evenwicht krijgt, niet stil kan zitten, voortdurend aan materialen friemelt, hardhandig is naar andere kinderen, onhandig is, alles omstoot en zijn spullen/activiteiten moeilijk kan organiseren.
Bij het onderzoek van kinderen met Sensorische informatie verwerkingsproblemen wordt gebruikt gemaakt van de een vragenlijst (Sensory Profile) en door het kind goed te observeren waarbij onder andere gekeken wordt naar:
  • Welke prikkels het functioneren van het kind verstoren en op welke momenten.
  • Welke sensorische informatie heeft dit kind nodig om goed te kunnen functioneren?
  • Wat is de relatie tussen problemen in het dagelijkse functioneren en de manier waarop dit kind zintuiglijke prikkels verwerkt.

Door speciale therapie, adviezen voor ouders, school en het kind zelf werk ik met ouders en kinderen aan het optimaliseren van de prikkel verwerking.
Het doel is dan:
ouders en kind laten inzien waarom het kind zo reageert
verbeteren van de motorische problemen
helpen bij opvoedingsvragen die ontstaan zijn vanuit de SI problemen
meer info
Zuigelingen asymetrie
Voorkeurshouding - en de vaak daarmee gepaard gaande vervorming van de schedel -
is een frequent voorkomend probleem bij jonge zuigelingen. Een voorkeurshouding staat
een voorspoedige symmetrische ontwikkeling in de weg en leidt vaak tot onzekerheid en
ongerustheid bij ouders vooral als er ook een schedelvervorming is. Meestal is sprake
van deformatieve plagiocephalie (scheef hoofd), soms van deformatieve brachycefalie
(breed hoofd) Vaak komen combinaties van een breed of lang hoofd met scheefheid voor.

De schedel van uw baby is tijdens de eerste levensmaanden van nature zacht. Slaap- en speelhoudingen kunnen invloed uitoefenen op de vorm van het hoofdje. Het is daarom wenselijk dat uw baby in afwisselende houdingen slaapt en speelt. Daarmee voorkomt u dat uw baby een‘voorkeurshouding’ ontwikkelt. Met voorkeurshouding wordt bedoeld dat de baby het hoofd bijna altijd naar één kant gedraaid houdt, meestal naar rechts. Niet alleen als hij slaapt, maar vaak ook als hij wakker is.
Een sterke voorkeurshouding kan ertoe leiden dat het hoofdje aan één kant een afplatting krijgt en daardoor scheefgroeit. Als gevolg van zo’n afplatting kan het hele lichaam te veel in dezelfde houding gaan liggen. Dat kan de ontwikkeling van uw kind nadelig beïnvloeden.

De kinderfysiotherpeuten van Kinderfysio-Luxor geven oefeningen en instructies aan huis om de voorkeurshouding te laten afnemen en de motorische ontwikkeling te bevorderen.
Platvoeten
Een voet bestaat uit vele kleine botjes die bij elkaar worden gehouden door sterke bindweefselbanden.
Als iemand rechtop staat, zijn de tenen, de bal, de buitenkant van de voet en de hiel in contact met de grond. Dat is te zien aan een afdruk van een blote voet.

Het middelste deel van de voet maakt aan de binnenkant een welving: de voetboog of voetholte. De voetboog kun je het beste zien als de voet wordt opgetild.

De voetboog is pas op zevenjarige leeftijd volledig gevormd, dus de meeste kleine kinderen hebben platvoeten. Maar dit zijn soepele platvoeten en daar hebben zij meestal geen last van.
platvoet
We maken onderscheid tussen de soepele platvoet en de stugge platvoet.
  • Het meest voorkomende type platvoet is de soepele platvoet. Bij het staan verdwijnt de voetboog doordat de voeten doorzakken. Wanneer de voet wordt opgetild wordt de voetboog zichtbaar.
  • Bij stugge platvoeten is de voetboog ook tijdens het staan verdwenen. En wanneer de voet wordt opgetild wordt de voetboog niet zichtbaar.

Mogelijke klachten bij kleine kinderen:
  • niet lang kunnen lopen/vermoeidheid
  • voet- of beenpijn in bed of na het spelen
  • makkelijk struikelen.
Behandeling

Als uw kind al even met platvoetjes heeft rondgelopen kan dit van invloed zijn op de enkels en de knieën. Uw kind heeft dan de stand van de voet met enkels en benen gecorrigeerd. Deze compensatie kan spanning en overbelasting in enkels, knieën en heupen geven waardoor een scala aan klachten kan optreden.

Bij Kinderfysio-Luxor kunnen wij u adviseren wat te doen bij platvoeten. We beoordelen de voetjes en de stand van het lichaam van uw kind en kijken samen met u naar de beste oplossing. Een stevige schoen, waarbij de hiel goed gestabiliseerd wordt, is vaak de basis. Daarna kijken we welke oefeningen uw kind als extra ondersteuning nodig heeft om weer prettig en zonder pijn te kunnen lopen, rennen en spelen.
Scoliose
De wervelkolom heeft normaal een aantal bochten. Bij scoliose is de wervelkolom zijdelings kromgegroeid. Vanaf de rug bekeken heeft de wervelkolom dan de vorm van de letter S of de letter C. Een scoliose is een zijdelingse verkromming van de ruggengraat (wervelkolom).

Bij een kind kan scoliose op verschillende manieren ontstaan.
Soms heeft een baby al een scoliose bij de geboorte, maar meestal ontsaat de verdraaiing tijdens de groei. Vaak is dat rond het tiende levensjaar. Meisjes krijgen kunnen vaker een scoliose krijgen dan jongens.
scoliose
Hoe ontdek je een scoliose
  • de ene schouder staat hoger dan de andere
  • bij voorover buigen ontstaat er een bolling aan één kant van de rug
  • het ene been is korter dan het andere
  • het hoofd staat vaker scheef dan recht
  • de heupen zijn scheef

Er bestaan twee soorten scoliose, de structurele scoliose en de functionele scoliose.

  • Een structurele scoliose is een scoliose die niet volledig corrigeerbaar is. Vaak is er dan een medische oorzaak. Je kunt dan denken aan bijvoorbeeld verschil in beenlengte. Behandeling ligt dan meer op het terrein van de orthopeed of orthopedisch chirurg.
  • Een functionele scoliose kan het gevolg zijn van een houdingsfout. Deze is vrijwel altijd te corrigeren.
Het verloop van een scoliose

Scoliose kan niet voorkomen of genezen worden. Er kan wel geprobeerd worden om de toestand te stabiliseren en eventueel de afwijking een beetje te corrigeren.

In 9 op 10 gevallen is een scoliose vrij mild van aard en is er geen ingrijpende ziekenhuisbehandeling nodig. Toch is het belangrijk het verloop van de scoliose vooral tijdens de puberteit goed te blijven volgen. Een controle om het half jaar is aanbevolen. Tijdens de puberteit kan de afwijking namelijk verergeren, wat op latere leeftijd weer voor problemen kan zorgen, zoals ernstige rugpijn, kortademigheid en in de ernstigste gevallen zelfs tot hartklachten.

Hoe jonger het kind is wanneer de afwijking wordt vastgesteld, hoe groter het risico op toename tijdens de groei. Maar ook hoe eerder er met behandeling kan worden gestart.


Behandeling

  • Bij structurele scoliose, waarbij uw kind door een orthopeed wordt behandeld, kan Kinderfysio-Luxor ondersteuning bieden door oefentherapie en training.
  • Bij functionele scoliose is het van belang dat het kind te blijven volgen tot het volgroeid is. Bij Kinderfysio-Luxor kunnen wij uw kind in deze periode monitoren en met de juiste oefentherapie voorkomen dat de scoliose verergert. Dat doen we door uw kind te leren de rugspieren goed aan te spannen en de lichaamshouding te verbeteren.
Ziekte van Osgood Schlatter
Osgood Schlatter is een overbelastingsblessure van de knie tijdens de groei. Deze wordt veroorzaakt door voortdurende trek van de kniepees aan de aanhechting op het scheenbeen. Daarbij ontstaat er een gevoelige bobbel op het scheenbeen, net onder de knie. De aandoening komt het meeste voor bij jongens tussen de 10 en 15 jaar en meisjes tussen de 8 en 13 jaar en vaker bij jongens dan bij meisjes.

De klachten zijn een warme, wat opgezette en pijnlijke bobbel onder de knie.
Fietsen, traplopen, starten, stoppen, sprinten, springen, diepe kniebuigingen en het op de knieën zitten zijn meestal pijnlijk. De klachten kunnen zowel plotseling als geleidelijk ontstaan en zijn vaak wisselend aanwezig.

De blessure heeft te maken met de groei. Kraakbeen van de groeikern in een knobbel net onder de knie kan dan wat minder belasting verdragen. Zodra deze groeikern dicht is en al het kraakbeen is omgezet in bot, zullen de klachten definitief verdwenen zijn. Meestal zijn de klachten echter al voor die tijd over. Gemiddeld duurt de blessure een half jaar.
osgoodschlatter
Behandeling

Kinderfysio-Luxor helpt door tijdens de blessure oefeningen te doen die het kniegewricht wel soepel houden maar het niet overbelasten.

Na de blessure helpen we je om de knie weer sterker te maken en adviezen te geven hoe je het sporten weer kan oppakken.
Ziekte van Sever
KFL_05
Bij de ziekte van Sever is er sprake van een ontstoken hielbeen. Het gaat hierbij om de bindweefselband die onder de voetzool doorloopt en de bal van de voet met het hielbeen verbindt. Deze aandoening veroorzaakt vooral pijn in de hielen wordt daarom ook vaak hielpijn of hielspoor genoemd.

De klachten komen meestal voor bij kinderen tussen de 7 en 12 jaar.

Ook kan er een kleine zwelling ontstaan op de plek van de aanhechting van de achillespees aan het hielbeen. In veel gevallen gaat het om kinderen die actief sporten.

Kinderen die last hebben van deze aandoening lopen het liefst op een schoen met verende hak of laten hun hiel bij het sporten liefst intapen.

Als kinderen zijn uitgegroeid verdwijnen de klachten meestal vanzelf.

Als uw kind klaagt over pijn in de hiel kunnen we bij Kinderfysio-Luxor onderzoeken om welke aandoening het gaat. Ook kunnen wij u adviseren welke sporten het kind het best kan doen en welke oefeningen het kind het best kan doen om de pijn te verminderen en compensatie met andere spieren tegen te gaan.
Stacks Image 633
Kinderzwerfboek
Stacks Image 671
Home
Contact
Foto gallerij
Facebook
Verklarende woordenlijst

© 2013 KinderFysio - Luxor